Klimaatverandering is bijna voor niemand meer een nieuw begrip. Wetenschappers waarschuwen al sinds de jaren ‘70 voor een aankomende klimaatcrisis. Door de opwarming van de aarde, als gevolg van het uitstoten van broeikasgassen, krijgen we nu en in de toekomst onder andere te maken met meer weersextremen, meer bosbranden en een stijgende zeespiegel. Dat we dus minder broeikasgassen uit moeten stoten, weten we inmiddels. Maar wat zijn deze gassen eigenlijk en hoe zorgen ze voor een veranderend klimaat? We leggen je het uit.

Allereerst: wat zijn broeikasgassen?

Laten we beginnen bij het begin. Broeikasgassen zoals CO₂ en methaan maken onderdeel uit van onze atmosfeer en hangen dus in de lucht die we inademen. Deze lucht bestaat normaal gesproken voornamelijk uit stikstof (79%) en zuurstof (21%). Minder dan 0,1% van de atmosfeer bestaat uit broeikasgassen. 0,1% dus. Is het dan zo erg als dat ietsje hoger wordt? Het antwoord is ja. Vergelijk het met die keer dat je een klein heet pepertje aan je grote pan groene curry toevoegde. De peper mag wel klein zijn, maar kan er gemakkelijk voor zorgen dat je alsnog zwetend aan de eettafel zit.

Zoals met alles in de natuur, hebben ook deze gassen een belangrijk doel, en we mogen blij zijn dat we ze hebben. Zonder broeikasgassen zou de gemiddelde temperatuur op aarde zo’n 32 graden Celsius kouder zijn dan nu. Afhankelijk van de locatie, zou de gemiddelde temperatuur tussen de 14 en -18 graden liggen. We mogen dan wel veel klagen over de kou in Nederland, maar dankzij broeikasgassen hebben we het eigenlijk zo slecht nog niet. Maar, als minder broeikasgassen dus meer kou betekent, dan betekent meer broeikasgassen ook minder kou. Oftewel: de aarde warmt op.

Een hetere planeet, door onze eigen uitstoot

Aan het einde van de 18e eeuw werd de motor uitgevonden. Dit betekende de start van de industriële revolutie. De kracht van machines en motoren bracht grote veranderingen teweeg. Er werd massaal geproduceerd, geconsumeerd, gebouwd en vervoerd. Zonder deze revolutie had het leven over de hele wereld er totaal anders uitgezien als nu, maar het is ook de reden voor een extreme toename van CO₂ in de atmosfeer.

De hoeveelheid CO2 in de atmosfeer, historisch

De hoeveelheid CO2 in de atmosfeer, historisch

Duizenden jaren lang was de hoeveelheid CO₂-uitstoot stabiel, maar sinds 1750 nam de hoeveelheid CO₂ in de atmosfeer met bijna 50% toe. De hoeveelheid methaan was in 2011 al 150% groter dan in 1750 (2,4). Omdat we sinds de industriële revolutie fossiele brandstoffen uit de grond halen en verbranden, stijgt de hoeveelheid broeikasgassen in de atmosfeer explosief.

Deze fossiele brandstoffen van miljoenen jaren oud organisch materiaal, bevatten koolstof, dat na verbranding als koolstofdioxide (CO₂) in onze atmosfeer terechtkomt. Het kost dus miljoenen jaren voor organisch materiaal om zich om te zetten in fossiele brandstoffen, maar wij verbranden dit allemaal in enkele eeuwen. Deze plotseling vrijkomende CO₂ en andere broeikasgassen kunnen onmogelijk in zo’n korte tijd door de planten en bomen worden opgenomen. Temeer omdat we over de hele wereld in moordtempo bossen kappen, voornamelijk voor landbouw en veeteelt.

Hoe warmen broeikasgassen de aarde op?

In het kort: broeikasgassen absorberen warmte en reflecteren licht. Zodra zonlicht de atmosfeer bereikt, wordt het door broeikasgassen “afgebroken” tot kleinere zonnestralen. Een deel wordt rechtstreeks weerkaatst naar de ruimte, maar het meeste zonlicht beweegt zich door de atmosfeer en bereikt het aardoppervlak. Van het aardoppervlak kaatst het terug, maar ook op de terugweg stuit het op de broeikasgassen, waarna het opnieuw wordt teruggekaatst. Dit proces herhaalt zich. De zonnestraling wordt dus langer binnen de atmosfeer gehouden door de broeikasgassen, waardoor het aardoppervlak en de atmosfeer opwarmen.

Hoe zorgen broeikasgassen voor klimaatverandering?

Hoe zorgen broeikasgassen voor klimaatverandering?

De verstoorde balans op aarde

Nu al zien we de effecten van onze uitstoot op het klimaat. De toename van extreem en wisselvallig weer, droogtes, overstromingen, orkanen, is gevolg van de opwarming van de aarde. Op onze planeet is alles perfect op elkaar afgestemd om mens, dier en natuur te laten floreren. Dit evenwicht is echter ook kwetsbaar. De verandering van één onderdeel van dit immense, onderling verbonden web kan een domino-effect teweegbrengen en uiteindelijk gebieden beïnvloeden die op het eerste gezicht helemaal niet met elkaar verbonden lijken.

Dat de aarde opwarmt, betekent niet noodzakelijk dat het meteen overal warmer wordt. Maar de opwarming van de aarde veroorzaakt wel het veranderende klimaat dat we nu al ervaren. Er is een groot verschil in hoe de opwarming wordt verdeeld. Waar het rond de evenaar een graad opwarmt, warmen de Noord- en Zuidpool 12 graden op. Je hoeft geen wetenschapper te zijn om te bedenken dat een opwarming van 12 graden niet goed is voor een ecosysteem met sneeuw en ijs.

De stijgende temperatuur op aarde sinds 1850

De stijgende temperatuur op aarde sinds 1850

Veel ecosystemen, zoals koraalriffen, zijn veel gevoeliger voor temperatuurveranderingen dan bijvoorbeeld mensen. Dit soort ecosystemen is traag in het aanpassen aan veranderingen in het milieu. Koraalriffen verbleken, wat funest is voor het leven in de zee.

Alle gevolgen van klimaatverandering en ons eigen handelen, zoals de smeltende ijskappen, de woestijnvorming in Afrika, de ontbossing van regenwouden, hebben ernstige gevolgen voor het leven overal ter wereld. Dier- en plantensoorten sterven uit, mensen moeten migreren omdat grote gebieden worden onbewoonbaar worden, virussen en ziekten verspreiden sneller, oogsten mislukken en bosbranden komen vaker voor.

Wat kunnen we doen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen?

Met zijn allen aan de bak. We moeten onder de 1,5°C opwarming blijven om de ergste gevolgen van klimaatverandering te voorkomen en daarvoor moeten landen klimaatneutraal/nul-uitstoot worden. Consumenten, overheden en bedrijven hebben daar allen een rol in te vervullen. Wij doen dit bijvoorbeeld door ons te committeren om voor 2030 volledig CO₂-neutraal te werken. De eerste stap daarin was het compenseren van onze eigen uitstoot sinds oprichting.

Met zijn allen maken we het verschil door niet langer fossiele brandstoffen te verbranden, maar gebruik te maken van de eindeloze, schone alternatieven die we hebben. Voor de natuur is de zon altijd al de grootste energieleverancier geweest. Het is onze schoonste en meest toegankelijke bron, geeft de meeste energie en is de kern van het leven op aarde. We kunnen van de zon binnen tien jaar weer de grootste energiebron kunnen maken. Doe je mee?